Altijd online: wanneer gamen geen hobby meer is maar een noodzaak

Door de redactie

Placeholder

Om 02.47 uur gaat het licht uit op de slaapkamer van Daan (17). Niet omdat hij gaat slapen, maar omdat zijn ouders denken dat hij dat doet. Onder de dekens licht zijn scherm opnieuw op. “Nog één potje,” typt hij in de teamchat. Het worden er vier.

 

Wat begint als ontspanning na schooltijd, groeit bij sommige jongeren uit tot een patroon dat school, slaap en sociale contacten onder druk zet. Gameverslaving — officieel aangeduid als gaming disorder — wordt sinds enkele jaren erkend als psychische aandoening. Toch blijft het onderwerp beladen.

Wanneer spreken we van een verslaving?

Gamen op zichzelf is geen probleem. Miljoenen mensen spelen dagelijks videogames zonder negatieve gevolgen. De grens wordt bereikt wanneer het gedrag:

 

  • moeilijk te controleren is

  • prioriteit krijgt boven andere activiteiten

  • doorgaat ondanks duidelijke negatieve gevolgen

Psycholoog (naam gefingeerd) Lisa Vermeer ziet in haar praktijk vooral jongeren en jongvolwassenen. “We kijken niet naar het aantal uren alleen,” zegt ze. “Belangrijker is: wat kost het iemand? Schoolprestaties, sociale relaties, gezondheid?”

 

Bij Daan begon het met een populaire online multiplayergame. Het sociale aspect — samenwerken, chatten, winnen — gaf hem een gevoel van verbondenheid. “In het spel was ik goed. Op school voelde ik me vaak onzeker.”

 

 

Ontworpen om je te laten blijven

Moderne games zijn technisch en psychologisch verfijnd. Beloningssystemen, dagelijkse uitdagingen, seizoensgebonden evenementen en ranglijsten zorgen voor voortdurende prikkels.


Game-ontwikkelaars werken met principes uit de gedragspsychologie, zoals variabele beloningen — vergelijkbaar met gokautomaten. Je weet nooit precies wanneer de volgende ‘zeldzame’ beloning komt. Die onvoorspelbaarheid maakt stoppen lastig.


Dat betekent niet dat games per definitie schadelijk zijn. Ze kunnen ontspanning, creativiteit en sociale interactie bevorderen. Maar voor kwetsbare spelers kunnen dezelfde mechanismen problematisch worden.


Jongens én meisjes

Hoewel jongens oververtegenwoordigd zijn in hulpverleningstrajecten rond gameverslaving, groeit het aantal meisjes dat zich meldt. Verschillen zitten vaak in het type games: waar jongens vaker competitieve shooters spelen, kiezen meisjes relatief vaker voor sociale of creatieve platforms.

 

“De kern is niet het genre,” zegt Vermeer. “Het gaat om de functie die het gamen krijgt. Vermijding van stress, ontsnapping aan problemen, behoefte aan erkenning.”

 

Placeholder

De rol van ouders

Ouders zitten vaak met vragen. Wanneer is intensief gamen normaal pubergedrag? Wanneer is ingrijpen nodig?

 

Volgens pedagogen zijn signalen als structureel slaaptekort, sterke stemmingswisselingen bij onderbreking en terugtrekking uit offline activiteiten belangrijke aandachtspunten.

 

 

Daan’s ouders merkten dat hij steeds minder interesse had in voetbal en vrienden buiten het spel. “Als we zijn wifi uitzetten, werd hij boos,” vertelt zijn moeder. “We wisten niet of dat puberteit was of iets anders.”

 

Het gezin schakelde uiteindelijk hulp in via de huisarts. In gesprekken bleek dat Daan kampte met prestatiedruk en sociale angst. Het gamen was een uitlaatklep — maar ook een vlucht.

 

 

Geen zwart-witverhaal

Gameverslaving vraagt om nuance. Niet elk kind dat veel speelt, is verslaafd. Tegelijkertijd is het risico reëel, vooral bij jongeren met onderliggende kwetsbaarheden zoals ADHD, depressieve klachten of eenzaamheid.

 

Behandeling richt zich vaak op gedragsverandering én onderliggende problematiek. Denk aan cognitieve gedragstherapie, gezinsgesprekken en het aanleren van alternatieve copingstrategieën.

 

Belangrijk is dat het gesprek niet alleen draait om verbieden. “Als je alleen het spel afpakt, zonder te kijken naar wat het vervangt, ontstaat er een leegte,” zegt Vermeer.

 

 

Herstel en balans

Inmiddels heeft Daan vaste afspraken over schermtijd. Hij sport weer twee keer per week en volgt begeleiding. Gamen doet hij nog steeds — maar minder en bewuster.

 

“Ik wil niet stoppen met gamen,” zegt hij. “Ik wil gewoon dat het niet mijn hele leven is.”

 

Gameverslaving dwingt tot een bredere vraag: hoe leren we jongeren omgaan met digitale werelden die altijd beschikbaar zijn? In een samenleving waarin werk, school en sociale contacten steeds vaker online plaatsvinden, is volledige ontkoppeling geen realistisch antwoord.

 

Balans, bewustzijn en openheid lijken effectiever dan paniek of ontkenning.

 

 

Hulp en advies

Wie zich zorgen maakt over gamegedrag — bij zichzelf of een naaste — kan terecht bij de huisarts of gespecialiseerde hulpverlening. Vroeg signaleren vergroot de kans op herstel en voorkomt dat problemen zich verdiepen.